Toen ik tijdens een les heel geconcentreerd bezig was, stampte ik nogal heel enthousiast (a ja, want ik kende die pasjes) met mijn boots op de houten vloer. En de danslerares schoot onbedaarlijk in de slappe lach. 

Alles in mij sloeg in paniek. Ik donderde in één seconde van mijn ‘enthousiaste - plezier hebbende - trots op mezelf zijnde’ gevoel naar een ‘help, ze lacht mij uit - ik kan het niet - wat een stom kieken ben ik om te denken dat ik dat ooit zal kunnen - ik zou er beter mee stoppen’ gevoel. 

Weg plezier en een heel rot gevoel in de plaats. 

Hoe gaat dit nu verder? Ik heb twee versies: hoe ik vroeger was en hoe ik nu ben. 

Scenario van vroeger.

Ik geloof het stemmetje die zegt dat ze me uitlacht. Ik voel me gekwetst en ben kwaad op de danslerares. Ik zeg daar echter niets van. Ik dans met een lang gezicht de dans uit. Ik praat tegen niemand meer. Na de dansles verdwijn ik in stilte en ik kom nooit meer terug. 

Weg plezier. Weg hetgeen ik al jaren wilde. 

Scenario van nu. 

Ik geloof het stemmetje die zegt dat ze me uitlacht. Voor vijf seconden. Dan beslis ik om anders te reageren. Om het stemmetje niet te geloven. Om het stemmetje te laten voor wat het is. Ik beslis dat de lerares mij niet uitlacht maar dat ze gecharmeerd is door mijn beginnend enthousiasme. 

En ik zeg met een grote lach op mijn gezicht: ‘ja, ik doe dat graag en dan word ik enthousiast hé.’

Iedereen lacht en we dansen verder. 

Plezier terug, paniek weg. En de volgende dansles staat ik met evenveel goesting op de dansvloer. En de cowboy yoddle dance is ‘mijn’ dans en ik stamp extra met mijn boots op de houten vloer. 

En het allerbelangrijkste: ik ben vrij om mezelf te zijn en mij helemaal te laten gaan in het dansen. 

 

Voor welke versie kies jij? 

Welk stemmetje houdt jou tegen om plezier en enthousiasme te beleven?

Welk stemmetje houdt jou tegen om in alle vrijheid te doen wat jij wil?