Het is vandaag Blue Monday én Winnie de Poeh dag. 

Je mag kiezen dus 😀. 

Ik kies dan ook heel bewust voor Winnie de Poeh dag!

 

Blue Monday staat voor de meest depressieve dag van het jaar. 

Een snelle zoektocht leert me dat deze term in 2005 verzonnen is door de Britse psycholoog (jaja) Cliff Arnall. Deze dokterde een wiskundige formule uit die zou aantonen dat de derde maandag in januari de meest depressieve dag is. De formule bevat ingrediënten zoals een tekort aan salaris, post-feestdagen periode, mislukte voornemens, donkere dagen, de-vakantie-is-nog-ver-weg en natuurlijk de dag maandag.

 

Waarom ‘blue’? 

Er zijn er die zeggen dat in de Engelse scheepvaart de kleur blauw staat voor een uiting van rouw.

Een andere theorie is dat de kleur gerelateerd is aan de muziekstroming Blues.

 

Leuk weetje is dat de Britse media er achter kwam dat dhr. Arnall eigenlijk betaald werd door een reisbureau om zijn formule te ontwerpen 😃.

Blue Monday was dus geen wetenschappelijke formule maar een marketingtruc om mensen vakanties naar de zon te laten boeken!

 

Een gemiste oproep…

Daar staat het nummer te blinken, in het rood, op het scherm van mijn telefoon. 

En geen bericht op mijn voicemail. 

Alleen een onbekend nummer. Geen extra informatie. 

Ik krijg er acute buikpijn van. Echt!

 

Nee, niet omdat ik zo perfectionistisch ben dat ik denk dat ik alle telefoontjes direct moet kunnen beantwoorden (had echter wel gekund 😀) maar omdat ik dan moet terugbellen!

 

Ik moet terugbellen naar iemand die ik niet ken. 

Ik weet niet wie ik aan de lijn krijg.

Ik weet niet of deze persoon vriendelijk zal zijn of niet. 

Ik weet niet waarom men mij belt (negen op de tien keer gaat het om het maken van een afspraak maar je weet nooit dat ik nu iemand aan de lijn krijg met een boze reactie op iets). 

Ik weet niet of ik die persoon nu niet stoor met mijn telefoontje terug.

Ik weet niet of ik wel juist zal kunnen reageren en geen fout zal maken tijdens het gesprek.

Heel veel ‘ik weet het niet-s’. En daar hou ik niet van. 

 

Herken je dit? 

 

Laat ik vandaag lekker cliché beginnen: gelukkig nieuwjaar!! 🥳 

Net als iedereen hoop ik dat we dit jaar uit deze pandemie geraken en dat normaal weer gewoon normaal wordt. 

 

Maar daar wil ik het vandaag niet over hebben. 

Ik wil het hebben over goede voornemens. 

Ja, ook cliché, maar het is tenslotte 4 januari hé.

 

Over het nemen van goede voornemens zijn de meningen verdeeld. De ene neemt ze elk jaar, de andere begint er niet (meer) aan want het is bewezen dat deze voornemens tegen februari alweer vergeten zijn en nog iemand anders vindt dat iedere dag een nieuw begin is en dat je niet moet wachten tot 1 januari. 

En dat is allemaal waar. 

 

Maar laat dit jou niet tegenhouden!

Als je het leuk vindt om goede voornemens te bedenken, trek het jou dat niet aan wat anderen denken of dat je het hoogstwaarschijnlijk niet zal volhouden. Dat doe er niet toe!

 

Ik hou van puzzelen. 

Ieder stukje dat past, geeft mij een gevoel van voldoening. ‘Yes, weer eentje gevonden’. 

Soms voel ik ook verwondering omdat een stukje ergens past waar ik het niet had verwacht. 

En soms frustreer ik mij. Als ik een half uur op de puzzel zit te kijken maar niets vind. Dan moet ik even iets anders doen. Even afstand nemen. Als ik dan na een tijdje terug naar de puzzel kom, dan zie ik weer een paar stukjes. 

Soms komt dat ‘zien’ ook ineens. Dan kan ik tien stukjes na elkaar leggen. 

En als de puzzel af is, doe ik een vreugdedansje en kijk ik vol trots naar mijn werk. 

 

Maar wat is een puzzel eigenlijk? 

Een puzzel is een verzameling losse stukjes die een geheel vormen. Alleen moet je zelf uitvinden hoe de stukjes dit geheel vormen. Er komt geen handleiding bij. Maar dit zelf uitvinden, is nu net wel het plezier van het puzzelen. 

Orde scheppen in de chaos. Mijn favoriete bezigheid 😀 .

 

Je kan het zien in het hoofding van mijn website en op mijn facebook-pagina: ik ben een psychotherapeut voor ‘de gedreven vrouw die het beu is om zichzelf in de weg te staan!’. 

 Maar wat bedoel ik nu met ‘gedreven’?

 Het woordenboek beschrijft ‘gedreven’ als bevlogen, bezield, door een innerlijke aandrang gestuwd, enthousiast, fanatiek, gehaast, geïnspireerd, gemotiveerd, hartstochtelijk.

Keuze genoeg hé 😀. 

 Maar wat betekent dat dan in de praktijk? 

Hoe voel je dat? Dat je gedreven bent? 

Ben jij nu wel of niet die gedreven vrouw? 

 

‘En dat is oké’. 

Dit is het zinnetje waar veel van mijn cliënten het moeilijk mee hebben. 

Als ze mij dat horen zeggen, willen ze schreeuwen ‘nee, dat is niet oké!!’. 

 

Het is het zinnetje van de radicale aanvaarding: iets aanvaarden zoals het is. 

 

Velen hebben het daar moeilijk mee. 

Maar wat veel mensen niet zien, is dat verandering maar kan ontstaan vanuit de acceptatie. 

Als je iets kan aanvaarden zoals het is, alsof als het nooit zou veranderen, dan pas kan het veranderen. 

 

Omdat dit nogal abstract klinkt en zoals je van mij gewend bent: ik geef een persoonlijk voorbeeld. 

 

Elke week een nieuwsbrief schrijven. Het is niet altijd een gemakkelijke opdracht. 

Soms vloeien de woorden vanzelf op papier en soms is het trekken en sleuren voordat ik deftig kan verwoorden wat ik wil zeggen. 

 

Ondertussen heb ik al 45 nieuwsbrieven geschreven. Ja, ik heb ze geteld ? .

 

Soms denk ik wel eens ‘pfff, deze week niet’. Maar toch luister ik niet naar deze gedachte. 

Waarom niet? 

Omdat ik een engagement ben aangegaan. 

Een engagement ten opzichte van mijn lezers maar ook ten opzichte van mezelf!

Als ik zeg dat ik iets doe dan doe ik het ook. 

En dan kan je op mij vertrouwen en dan ben ik ook betrouwbaar voor mezelf. 

Eerst even een melding: voor wie zich nog wil inschrijven voor mijn gratis webinar ‘Stop met jezelf te saboteren!’, dat kan nog tot 18u deze avond (https://psyfero.be/aanvraag-webinar).

 

Ja, deze avond geef ik mijn eerste webinar. En het moet gezegd: ik ben zenuwachtig. 

Ik voel mij precies terug op school, wachtend op mijn mondeling examen ?.

Hoewel de gedachten die door mijn hoofd flitsen nu wel anders zijn. Terwijl ik tijdens examens dacht ‘zal ik het wel kunnen?’, denk ik nu ‘zal het wel interessant genoeg zijn?’.

 

Ja, je moet niet denken dat ik helemaal vrij ben van saboterende gedachten hoor. 

Een cliënte vroeg mij onlangs ‘waarom doe je jezelf dat toch aan?’. 

Maar zo zie ik het niet. Ik zie het niet als ‘iets wat ik mezelf aandoe’. Mocht ik zo denken dan zou ik het inderdaad niet doen.

Ik zie het als ‘ik wil dat kunnen’. Ik wil kunnen spreken met zo weinig mogelijk zenuwen.

Ik wil mijn visie, wat ik wil zeggen, kunnen delen zonder mij te laten tegenhouden. 

Ik heb me gisteren aangemeld voor een webinar rond intermitterend vasten. 

Het is een begrip dat ik al veel ben tegengekomen in artikels rond gezond eten en het is een onderwerp dat mij interesseert. 

Dus heb ik mij aangemeld. 

Ik wil bijleren. En hoe kan je dat beter doen dan te luisteren naar iemand met expertise hierin?

 

Ik lees veel, kijk regelmatig naar documentaires en bezoek graag een museum.

Ik ben een leergierig persoon. Ik wil altijd vooruit in mijn leven. Beter worden en mezelf verder ontwikkelen. 

 

Als mens hebben we zes universele basisbehoeften. Zes basale verlangens die we willen vervullen en ook nodig hebben voor een bevredigend leven. 

Deze zijn:

Toen in september de live-dag van het coachingstraject dat ik volg echt live mocht doorgaan, logeerde ik de nacht voordien in een B&B in de buurt. 

Ik werd ontvangen door een vriendelijke eigenares die mij een korte rondleiding gaf, de kamer toonde en me, na een korte uitleg, goedenacht wenste. 

 

En zoals iedereen weet, ga je dan - na de officiële uitleg - zelf eens op verkenning ?. 

 

Ik kwam echter al vlug tot de vaststelling dat er geen handdoeken waren op de kamer!

Behalve het kleine handdoekje naast de lavabo (te zien op de foto) was er niets anders te vinden. 

 

Wat nu gedaan? 

Misschien denk jij nu ‘a, logisch hé Vicky, dan vráág je toch handdoeken’.

Wel, ik doorliep een aantal fases ?.

 

Als ik mijn cliënten iets voorstel, zeggen ze vaak: ‘dat durf ik niet’. 

Meestal zeg ik dan ‘wat zou er nodig zijn voor jou om dit wel te durven’? En dan komt dikwijls het antwoord ‘meer zelfvertrouwen’.

‘Op het moment dat ik meer zelfvertrouwen heb dan ga ik eindelijk eens mijn mening zeggen!’.

‘Als ik meer in mezelf geloof, dan durf ik mijn creaties tonen aan de buitenwereld!’

En daar loopt het fout. 

Dat is een redenering die niet klopt. 

Maar de meeste mensen denken dat het wél op die manier werkt. 

Eerst zelfvertrouwen en dan….

 

Maar waar moet dit zelfvertrouwen dan vandaan komen? 

Zoals je waarschijnlijk wel weet, ben ik klinisch psycholoog en psychotherapeut.

Maar je vermoedelijk niet weet, is dat ik ook criminoloog ben. 

 

Na mijn studies tot klinisch psycholoog wou ik graag instappen in de officieren-opleiding bij de politie. 

Er was in die tijd echter wel wat tumult in het politielandschap want de hervorming was volop aan de gang (voor wie het zich herinnert: de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus). 

Mijn vader (zelf officier bij de politie) raadde mij aan om nog enkele jaren te wachten met instappen tot er meer duidelijkheid gekomen was. 

Ik had dus een ‘tussen-opleiding’ nodig zeg maar. Mijn keuze viel dan - om logische reden - op criminologie. 

Na mijn studie criminologie ben ik wel niet meer in de officieren-opleiding geraakt want ik had - klassiek verhaal - mijn huidige man ondertussen ontmoet en mijn hoofd stond toen naar andere zaken ?. En voor je de vraag stelt: nee, ik heb er geen spijt van ?.

Later, toen mijn oudste zoon net was geboren, ben ik wel opnieuw naar de schoolbanken getrokken maar dat is een verhaal voor een andere keer. 

 

Ik had het dus over mijn opleiding tot criminoloog. 

Maandagmorgen. Terwijl ik vanuit bed lig te luisteren naar mijn douchende zoon komt de ‘maandagblues’ opzetten. Je weet wel: je wordt langzaamaan wakker, beseft dat het maandag is en voelt een knoop in je maag. 

Veel mensen hebben last van de maandagblues. Zoek het maar eens op en je bent een paar uurtjes zoet met het lezen van artikels zoals ’14 tips om de maandagblues te verslaan’ en de vele afbeeldingen laten jou ongetwijfeld lachen van herkenning (ook een goed manier om de maandag te beginnen ?).

 

Veelal wordt de maandagblues geassocieerd met een negatieve houding ten opzichte van je werk (niet de juiste job, een ongemakkelijke bedrijfscultuur, …).

Bij mij heeft het echter niets met mijn werk te maken. Wel met het feit dat de leden van mijn gezin, na twee dagen samen te zijn geweest, weer elk hun eigen kant op vliegen. Ik moet ze terug ‘lossen’ en daar heb ik het altijd wat moeilijk mee.

Gezien ik nu toch volop in dat gevoel zit, wil ik iets schrijven over hoe ik daarmee heb leren omgaan. 

Misschien heb jij er iets aan, mocht je ook dit gevoel ervaren.

Of misschien denk je nu ‘waarom hier nog iets over schrijven Vicky, je hebt net gezegd dat het internet vol staat met tips’.

Ja, dat klopt, maar ík heb er nog niets over geschreven ?.

Je hoeft er nooit voor terug te schrikken om jouw eigen visie te delen ‘omdat er al zoveel bestaat’. Hoe meer mensen hun ervaringen delen, hoe meer kans dat iemand iets herkent en er iets mee kan. 

Geef jezelf toestemming om volledig authentiek jouw ding te doen. Maak jezelf hier geen zorgen in en stel jezelf hierin niet in vraag. Dat is de beste manier om van waarde te kunnen zijn voor een ander. 

 

Maar ik wijk af. De maandagblues dus.

Ik schreef het vorige vrijdag al kort in een FaceBook-bericht: #nood aan hersteltijd. 

Vorige week lanceerde ik de videotraining ‘Leer in vier stappen omgaan met je innerlijke criticus’. 

In deze videotraining was ook voorzien dat iedereen die mij zijn oefeningen terugstuurde, persoonlijk feedback zou krijgen. 

Gezien het de eerste keer is dat ik zoiets onderneem, had ik geen idee hoeveel mensen hun oefeningen zouden terugsturen. 

Ik kan je nu zeggen: er waren er heel wat! 

En daar ben ik ontzettend blij om. In de reacties kreeg ik ook te lezen dat de training heel waardevol en leerrijk was en dat men veel inzichten opdeed. 

Mijn hart kan hierom alleen maar een sprongetje maken ?.

 

Maar nu merk ik wel dat ik, na dergelijke intensieve week (want eigenlijk had ik niet echt tijd ingepland voor deze feedback), even wat hersteltijd nodig heb. 

Dat wil zeggen: voldoende ontspanning deze week gezien dit er vorig week bij ingeschoten was. 

En dan komt de vraag naar boven (ja, ook bij mij): ‘mag dit wel?’ ‘Mag ik deze week wat minder uren werken?’.

 

Heb je al gehoord van het toneelstuk ‘Vicky gaat live’? 

Het speelt momenteel in mijn hoofd. Tickets, noch reservaties nodig: het draait dag en nacht zonder pauzes ?.

Hoofdrolspelers: Reptielenbrein en Innerlijke Criticus.

 

Voor diegenen die nu begot niet weten waar ik het over heb. Een woordje uitleg.

 

Vrijdag heb ik op mijn FaceBook pagina aangekondigd dat ik in november een live webinar zal geven en dat ik ondertussen zal oefenen via FaceBook-lives. 

En natuurlijk heb ik hiermee mijn intern circuit geactiveerd. 

 

Ik schets jou even het toneelstuk dat momenteel schittert.

 

Fouten maken. De clichés hieromtrent zijn veelvuldig: ‘iedereen maakt fouten’, ‘niemand is perfect’, ‘van fouten maken kan je leren’, ….

We weten het allemaal en we vinden het allemaal juist. 

Maar wat voel je écht als je een fout hebt gemaakt? 

Er is immers een heel groot verschil tussen deze bovenstaande clichés denken en er daadwerkelijk ook van doordrongen zijn op gevoelsniveau. 

Ja, je kan prima denken dat je van fouten leert en dat fouten maken niet erg is en toch een stemmetje horen dat iets anders zegt.

Het stemmetje dat zegt dat je een stom kieken bent en dat je nooit iets goeds kan doen.

Of dat anderen jou dom vinden en een ‘raar gedacht’ over jou hebben nu. 

Het stemmetje dat jou, ondanks de mooie gedachten, toch doet slecht voelen.

 

Ik ken dat stemmetje, die innerlijke criticus, maar al te goed. 

Want, ik gooi er nog een cliché tegenaan, fouten maken is menselijk en ik ben een mens ?.

Een voorbeeld? 

Ik werk al vijftien jaar als zelfstandige in mijn eigen praktijk waarvan tien jaar in hoofdberoep. 

Dat wil dus zeggen dat ik voordien een werknemer was. 

Ik werkte onder andere op de rechtbank als bemiddelaar in strafzaken en als slachtofferbejegenaar (mijn eerste job) en bij het Lokaal Gezondsheidsoverleg als preventiewerker. 

In de rechtbank had ik vooral te maken met procureurs en onderzoeksrechters. In het Lokaal Gezondsheidsoverleg werkte ik vooral met artsen. 

In beide jobs voelde ik mij niet comfortabel. Waarom? 

 

Omdat ik dacht dat ik minder was dan hen. 

Procureurs, onderzoeksrechters, artsen, dat waren voor mij allemaal figuren met heel veel gezag en prestige in de maatschappij. Dat waren voor mijn mensen die ‘het gemaakt hadden’. Mensen waar ik naar opkeek. 

En hoewel ik zelf ook een expert was in mijn vakgebied, voelde dit voor mij niet zo. 

Ik voelde mij minderwaardig. Ik maakte mij klein. 

Ik durfde deze mensen amper aankijken. Hen een vraag stellen of even met hen telefoneren was horror voor mij. 

Maar dat was wel wat mijn job van mij verlangde. Ik moest bij hen langsgaan, vragen stellen, dossiers opvolgen, vergaderingen met hen beleggen en hen eigenlijk ook advies geven. 

Je kan je voorstellen dat ik met een knoop in mijn maag naar mijn werk vertrok en dat ik mij het liefs verschool in mijn bureau achter mijn computer. Een mail versturen lukte nog net maar al de rest bezorgde mijn slapeloze nachten, tonnen stress en heel veel uitstelgedrag.

Ik deed dan ook mijn werk niet goed (tuurlijk niet!) waardoor ik nog eens kritiek kreeg van mijn werkgever, wat mij dan nog eens extra stress opleverde. 

In de rechtbank diende ik uiteindelijk mijn ontslag in en bij het Lokaal Gezondheidsoverleg werd ik gered door een reorganisatie.

Ik had het echter wel gehad met die mega-stress. 

Afgelopen week vroeg een cliënte mij “word jij het niet beu om mij verschillende keren hetzelfde te zeggen?”.

Mijn antwoord: “nee”.

En dat is geen empathisch antwoord waarbij ik in mijn binnenste denk ‘ja hoor, ik vind dat echt vervelend’. Het is een antwoord dat ik meen. 

Waarom? 

Omdat ik weet dat veranderen te maken heeft met een bewustwordingsproces. 

En een bewustwordingsproces dat gaat niet in één keer. Dat gaat in stapjes, kleine stapjes. 

Inzichten moeten doorsijpelen. Beetje per beetje. 

En daarvoor is het nodig dat ik dezelfde zaken dikwijls herhaal. 

 

Het gaat er niet om dat je alles weet, het gaat erom dat je alles ook in de praktijk brengt. 

Herhaling en actie zorgen ervoor dat je iedere keer iets dieper gaat in hetzelfde spoor. 

Vergelijk het met spoorvorming op een wegdek. Deze ontstaat ook niet door er één keer over te rijden. 

Zo is het ook in onze hersenen. Een neurologisch pad wordt getrokken door telkens dezelfde denkpiste en bijhorende acties te herhalen. 

 

De vraag van vandaag: laat jij jou beïnvloeden door anderen? 

 

Ja, ik weet het, ik stel moeilijke vragen (of dat krijg ik altijd te horen van mijn cliënten ?). Maar dat is nu eenmaal mijn job. Jou laten nadenken over jouw patronen om hier, indien gewenst, iets aan te veranderen. 

Ik maak het echter ook wel weer wat gemakkelijker (krijg ik dan ook weer te horen van mijn cliënten) door er een persoonlijk verhaal en voorbeeld aan te koppelen. 

Zo wordt een abstracte vraag concreet en krijg jij handvaten om zelf op zoek te gaan in jouw eigen binnenkant. 

Dus om jou te helpen bij de vraag ‘laat jij jou beïnvloeden door anderen?’ wil ik jou het volgende vertellen. 

 

Ik ben aan het vervellen ?. 

Nee, niet omdat ik ben verbrand. Maar aan het vervellen zoals een slang. 

Voor je denkt dat ik gek geworden ben, laat het mij even uitleggen. 

 

De voorbije week voelde ik dat er iets in mij niet juist zat maar ik kon er mijn vinger niet op leggen. Geen drama-toestand maar niet mijn beste week zeg maar. Ik voelde dat ik extra behoefte had aan rust en weinig prikkels kon verdragen. 

Toen ik er op zaterdag een gesprek over had, was dit het beeld dat bij mij opkwam. Het beeld dat paste bij mijn gevoel: ik ben aan het vervellen. 

 

Een artikel schrijven op FaceBook, een foto van mezelf plaatsen, een InstaStory maken, dit zijn allemaal zaken die ik nu vlot doe.

Een half jaar geleden was dit nog niet zo maar dat is vrij snel comfortabel geworden voor mij. 

Video’s opnemen blijft echter moeilijk. Ik heb het al een paar keer gedaan maar ik ben er geen fan van, zeg maar. Het blijft onwennig (natuurlijk omdat ik niet genoeg oefen) en ik weet me geen houding te geven op video. 

Een video opnemen ligt echt buiten mijn comfortzone en als gevolg stel ik het ook vaak uit. 

Maar ik wil wel groeien én groei ligt altijd buíten de comfortzone. 

Omdat ik hier best wel wat hulp kan gebruiken, heb ik mij aangemeld voor de video-challenge van videocoach Laura Elsman. 

 

Nu hoor ik jou misschien denken: ‘ja, Vicky, jij coacht nogal hé. Je hebt een businesscoach, een stylingscoach, je wordt geholpen door een virtuele assistente en nu nog een videocoach. Kan jij dan niets alleen?’. 

Het antwoord hierop is ja en nee ?. 

 

In mijn nieuwsbrief van vorige week schreef ik over de druk die ik voelde door de nieuwe aanmeldingen op mijn mailinglijst. 

Iets in mij wou zich bewijzen zodat er geen afmeldingen zouden komen. 

En weet je wat? De eerste afmeldingen zijn een feit! ? 

Hoe ga ik hier nu mee om? 

 

Er zijn verschillende manieren om hiermee om te gaan. 

 

Een eerste manier is kwaad zijn op mezelf. 

Ik kan tegen mezelf zeggen dat ik het fout heb gedaan. Dat ik iets anders had moeten schrijven. Dat ik had moeten zwijgen over hoe moeilijk ik het vond om het artikel van vorige week te schrijven. 

 

Een tweede manier is om mezelf waardeloos te vinden. 

Ik zou mezelf kunnen vertellen dat ik er niets van ken. Dat ik helemaal niet kan schrijven en dat deze afmeldingen bewijzen dat ik geen expert bent in mijn vak. Dat ik er beter mee zou stoppen. 

 

Om mijn gratis e-book ‘Laat jouw handrem maar los’ beter te verspreiden, liep er van half juli tot eind juli een Facebook advertentie.

Dit was een succes waardoor de mensen die mijn nieuwsbrief ontvangen meer dan het dubbel is nu. 

 

De eerste maanden dat ik mijn nieuwsbrief schreef, schreef ik voor ‘bekend’ publiek. Vrienden, familie en huidige cliënten waren de eersten die op de mailinglijst intekenden (waarvoor bedankt!). Naarmate mijn publiek groeit, groeit ook mijn ‘onbekend’ publiek. Mensen die via bv. mijn e-book of een artikel op FB voor het eerst van mij horen. 

Dat zijn mensen die ik nog nooit heb gesproken en die mij niet kennen als persoon ‘op mijn geheel’. 

 

En daar wringt nu momenteel het schoentje ?. Ik ben heel blij met de nieuwe aanmeldingen (welkom allemaal!!) maar ik vind het ook spannend. En ik voel heel duidelijk dat het mijn prestatiedrang triggert. 

Ik voel dat ik mijn waarde nu extra wil bewijzen en de nieuwsbrief die ik nu schrijf, komt er niet zo vlot uit zoals de voorbije weken. Het voelt weer even stroef als de eerste keer. 

Ik wik mijn woorden omdat ik natuurlijk graag zou hebben dat de nieuwe aanmeldingen niet direct weer afmelden.

 

Ongeveer een maand geleden schreef ik dat ik vanaf nu ongecensureerd zou zijn. 

Mij tonen zoals ik ben. Uit te komen voor mijn visie. Mij niet meer te verschuilen achter gemakkelijke of grappige antwoorden, niet meer na te denken hoe ik iets zou formuleren zodat ik de minste weerstand zou krijgen. 

 

Recentelijk kreeg ik een reactie dat ik téveel vertel. Dat ik téveel toon van mezelf. Dat ik mij té kwetsbaar opstel. 

Dat deed mij eerlijk gezegd even slikken. 

Ik vroeg mij af ‘klopt dit?’.

Deel ik teveel van mezelf? Toon ik mij teveel? Stel ik mezelf te kwetsbaar op? 

En automatisch dacht ik ‘wat denken andere lezers hiervan?’. 

De ‘stille’ lezers, de mensen die niet reageren (en als jij een stille lezer bent, voel je daardoor niet aangevallen hé, ik vind het helemaal prima hoor dat je leest en je laat inspireren maar niet reageert, dat doe ik voor 90% van wat ik lees ook ?).

Die reactie zette mij echter aan het denken. En het zorgde voor een knoop in mijn maag. 

Moet ik dan terug naar de gesloten therapeut? Het blanco blad van wie men als cliënt in de heel strikte visies niet eens mag weten of hij of zij getrouwd is en wel of geen kinderen heeft. 

 

Ik geef al vijftien jaar voltijds therapie in mijn eigen praktijk. Het is echter nog maar sinds begin dit jaar dat ik zichtbaar ben op sociale media. 

Elke maandag schrijf ik mijn nieuwsbrief, elke woensdag deel ik een quote, op vrijdag schrijf ik een artikel en dinsdag en donderdag maak ik vaak een verhaal op FB en Instagram of er komt een filmpje of nog een artikel. 

 

De allereerste quote die ik deelde, is van Leonardo Da Vinci (hoe kan het anders ??). 

De quote luidt ‘One can have no smaller or greater mastery than mastery of oneself’.

Omdat ik in het begin nog wat schrik had voor die zichtbaarheid, deelde ik enkel de quote zonder verdere uitleg. Daarna schreef ik bij een gedeelde quote wat uitleg waarom dit voor mij een belangrijke quote is. En nu moet ik mij inhouden om bij elke quote geen volledig artikel te schrijven ?. Weer een voorbeeld dat verandering stap voor stap gaat en dat je jezelf daarin de tijd mag geven, zonder iets te forceren. 

 

Omdat ik toen geen uitleg gaf bij deze quote van Da Vinci wil ik dat nu wel doen.

Vorige week schreef ik een artikel over mijn verlangen naar authentieke verbinding en mijn bekeringsdrang.

Zolang als ik mij kan herinneren, wil ik de wereld verbeteren. 

Ik ben altijd ‘op missie’, als het ware ?.

Mijn focus op ‘echtheid’ en ‘verbinding met alles en iedereen’ is er altijd geweest. Het onderwerp en de manier waarop varieert naargelang de levensfase waar ik in zit. 

 

Toen ik kind was, wou ik alle dieren redden. Ik huilde uren omdat een vogeltje op het dak in de schouw terechtkwam en dus in onze kachel neerkwam. Als je kikkerbillen at in mijn gezelschap maakte ik een scene. En uiteraard wou ik dierenarts worden. 

 

Als jonge vrouw wou ik vooral bewijzen dat vrouwen evenwaardig zijn aan mannen. 

Ik deed dat echter ‘nogal mannelijk’ laat ons zeggen. Nu besef ik dat ik als vrouw net door middel van mijn vrouwelijkheid kan opkomen voor de rechten van de vrouw en juist niet door als vrouw ‘één van de mannen’  te zijn. 

 

Later werd ik politiek actief en zetelde ik in de gemeenteraad. 

Ook de fase van het minimalisme passeerde de revue. Tot grote ergernis van mijn man ?.

En als psycholoog - psychotherapeut is het mijn missie om hulp te bieden aan gedreven vrouwen die het beu zijn om zichzelf in de weg te staan. 

 

Echte verbinding kunnen maken vanuit authenticiteit. 

Verbinding met jezelf, verbinding tussen jezelf en anderen maar ook tussen anderen onderling. 

Dat is mijn passie, mijn drijfveer.

Dat weet ik allang en ik weet ook hoe dit is ontstaan (dat is het voordeel van therapie volgen ?). 

 

Maar het is ook mijn valkuil. 

Ik ben er oprecht van overtuigd dat dit de wereld en de mensheid zoveel kan opbrengen dat ik wil ‘bekeren’. Het missionaris-syndroom zeg maar. 

Ik kan niet begrijpen dat er mensen zijn (en dat zijn er helaas behoorlijk wat) die dit niet willen. 

Dat je niet weet hoe, dat begrijp ik (en ik kan het jou leren). 

Dat je niet durft, dat begrijp ik ook (en ook daarbij kan ik je helpen). 

Maar dat je niet wil? Nee, dat gaat er bij mij niet in.

Doordat ik dit niet begrijp, doe ik oprecht alle moeite om mensen hierbij te helpen (te bekeren dus) en dan word ik op mijn hart getrapt. Dan voel ik mij afgewezen. En stom. Dan word ik zelfs verweten met zaken bezig te zijn uit een sprookjeswereld. Niet realistisch. 

En dan word ik boos. Wil ik niets meer doen. Kan iedereen zijn plan trekken. 

Maar na een tijdje voel ik mij dan schuldig. Trekt mijn bekeringsdrang weer aan mij. Dan wil ik het opnieuw proberen en begint alles weer van voor af aan. 

 

En zo ontstaat mijn patroon. En word ik telkens gekwetst en kom ik geen stap verder. 

En zo werkt het bij iedereen. Iedereen heeft een drijfveer (of je het nu weet of niet). Door die drijfveer heeft iedereen een valkuil en zit men dus vast in een patroon. 

 

Hoe kan je dit veranderen? 

 

Op 23 juni nam ik deel aan het Feminine Leadership Event van Suzanne Beukema. 

Misschien heb je de foto’s gezien op mijn Instagram-account (indien niet, je kan mij onder de naam Psyfero ook volgen via dit kanaal voor de nodige inspiratie). 

Vandaag wil ik, zoals toen gezegd, mijn belangrijkste inzicht hiervan delen. 

Dit is met name de volgende quote:

“If you don’t own your shadows, they will own you”. 

Een woordje uitleg.

 

Twintig jaar lang wou ik naar New-York. 

Het is een stad waar ik veel over heb gelezen, documentaires over heb gezien en zelfs een puzzel van heb gemaakt ?.

Wat je ziet op de foto bij dit artikel, is het achtergrondscherm dat al een hele tijd op mijn gsm staat. Het is de skyline van New-York waarop ik zelf heb geschreven ‘I will make it’. 

Daarmee drukte ik mijn verlangen uit om naar New-York te gaan. 

Er ging een enorme aantrekkingskracht uit van deze stad op mij.

Ik had echter geen idee waarom. 

De stad sprak mij enorm aan. En de idee om vanuit het vliegtuig het vrijheidsbeeld te zien, ontroerde mij telkens opnieuw. 

 

Om mijn website en Facebookadvertenties te optimaliseren heb ik foto’s nodig. 

Professionele foto’s met een mooie styling en make-up. 

Foto’s die ik dus niet heb.

En hoewel mijn reptielenbrein roept ‘ik ga echt niet voor een camera staan’ en ‘ik plak niet op foto’, moet ik toegeven dat ik dit nu wel overweeg. 

 

Enkel en alleen voor de praktijk? Ja en nee. 

Ja, omdat ik meer zichtbaar wil zijn en dat graag op een goede manier wil doen. 

Nee, omdat het ook gaat om een stap in mijn persoonlijk groeiproces.